Archieven

Links

Stuff

Powered byPivot - 1.24.3: 'Arcee'
XML Feed (RSS 1.0)
XML: Atom Feed
Valid XHTML 1.0 Transitional
Valid CSS
template by i-marco's choice

Politie

We sliepen net toen het begon. Gelal op straat, met nogal wat volume. Een aantal jongeren, op de terugweg uit het centrum, bracht een bezoek aan de shoarmatent hier tegenover. Helaas kon dat blijkbaar niet geruisloos. Ondanks het feit dat ze op een kluitje en dus binnen gehoorafstand stonden, werd er luidkeels naar elkaar geroepen, en niet altijd aardig. Een van hen besloot zijn frustratie af te koelen op een toevallig in de buurt staande fiets, die beslist niet van hem was. Vervolgens moest de straatversiering, een kerstboom in een grote bak, het ontgelden. Ook voorbijgangers werden geprovoceerd en uitgescholden. Het portiek van de supermarkt bleek in hun beleving ongekende mogelijkheden als urinoir te bevatten. Het ging van kwaad tot erger. Toen reed een patrouillewagen van de politie langs. Ze reden langzaam voorbij, keerden een eind verderop, passeerden de groep nogmaals en verdwenen. Waarschijnlijk was er op dat moment geen sprake van een strafbaar feit en de jongeren negeerden hen dan ook volkomen. Vandaag zapten we toevallig langs een oud fragment van Poets, een programma met verborgen camera uit de zeventiger jaren. Midden in het bos stond een agent die voorbijgangers voor de gek hield. Het was verbazingwekkend te zien hoeveel ontzag en respect de verklede agent afdwong, alleen al door zijn functie. Ik vraag me af of die pet ons nog steeds allemaal past.

Drukte

Om nieuwe kentekenplaten te krijgen moet je een RDW-formulier ophalen op het postkantoor. Gisteren hadden we daar niet zo'n zin meer in, dus vandaar dat ik vandaag op de fiets sprong. Het verbaasde me overigens wel dat je zo'n formulier niet gewoon via het internet kon downloaden. Maar goed, het was lekker koud weer, dus een ritje  leek me wel prettig. Toen ik bij het postagentschap aankwam, wachtte me een minder prettige verrassing: de rij wachtenden eindigde op de stoep, terwijl de enige functionaris in dienst zich met zweet op zijn hoofd het schompes werkte. Ik besloot naar het centrum te rijden, op het grote postkantoor zou het vast minder druk zijn. Maar helaas: hetzelfde verhaal. Nummertje 908 bungelde uit het apparaat, terwijl klant 845 net naar de balie liep. Daar had ik geen zin in! Thuis pakte ik de telefoon en belde met het RDW. Een opgewerkte dame toonde begrip en beloofde het formulier toe te sturen. Eind goed, al goed. Maar een ding houdt me toch bezig: wat doen die mensen in vredesnaam op 28 december met z'n allen op het postkantoor? Nog gauw een stel postzegels halen voor ze duurder worden?

Eentje

Opvallend genoeg viel het me gelijk op: toen ik naar onze auto liep, zag ik dat de kentekenplaat aan de voorzijde ontbrak. Verdorie! Nader onderzoek leerde, dat de eigenaar van een auto met trekhaak waarschijnlijk de houder aan gort had getrokken bij het verlaten van de parkeerplek. Er was verder geen schade, maar de plaat was nergens te zien. Omdat ik er geen prettig gevoel bij had, belde ik met de verzekeringsmaatschappij om de schade te melden en advies te vragen. Ook zij vond het beter om toch aangifte te doen en even langs een schadeherstelbedrijf te rijden voor nieuwe platen. Tegenwoordig is dat niet 'even', maar heeft dat heel wat voeten in aarde. Je moet tijdelijke (witte) kentekenplaten laten maken en monteren. Via een formulier bij het postkantoor een nieuw kentekenbewijs opvragen. Definitieve kentekenplaten ophalen en weer laten bevestigen. Maar dat alles boeit me niet eens zo zeer. Het ergste vind ik dat we nu zo'n eentje op de nummerplaat krijgen. Ik wil helemaal geen eentje! Mensen die hun deel 3 zijn kwijtgeraakt, krijgen een eentje. Nu denkt vast iedereen dat ik een sloddervos ben. Toch is er ook goed nieuws: degene die met onze kentekenplaat schaterend de flitspalen passeert, doet dat niet op onze rekening. En het beste nieuws: de tijdelijke kentekenplaten kleuren beter bij onze grijze auto!

Kerstwens

Oke, ik geef het toe, ik ben een watje daar waar het op kersttradities aankomt. Ik hou van de sfeer, de gezelligheid, familie en vrienden, pakjes onder de boom. Kerstliedjes tot ze je oren uitkomen, kerstkransjes op tafel en veel kaarslicht. Ik geniet als vanouds van de herhaling van kerstfilms die ik al tig keer hebt gezien. Op kerstavond naar de kerk met moeder, broer, schoonzus en manlief. De laatste twee als volgers, de overige drie zichzelf afvragend waarom we ons nog steeds laten verleiden te zoeken naar iets van vroeger in een met kersttakken versierde bingozaal. Maar ach, als ik mijn ogen sluit, zit ik weer met opa, oma, ooms en tantes, neven en nichtjes en ons gezin in de inmiddels afgebroken kerk, zoekend naar figuren in de kerstboomverlichting. En natuurlijk mag All you need is Love niet ontbreken. Kerstmis is niet compleet zonder Robert ten Brink en verhalen over herenigde families en naar Nederland gehaalde partners uit den vreemde. En dan, dicht bij de kachel met warme chocolademelk in mijn handen, Floppy aan mijn voeten en mijn man onder handbereik, dan bedenk ik hoe gelukkig ik ben. I wish it could be Christmas everyday.

Het was de nacht voor Kerstmis

Met dank aan Clement C. Moore wens ik jullie een vrolijk kerstfeest!

Twas the night before Christmas, when all through the house
Not a creature was stirring, not even a mouse.
The stockings were hung by the chimney with care,
In hopes that St Nicholas soon would be there.

The children were nestled all snug in their beds,
While visions of sugar-plums danced in their heads.
And mamma in her ‘kerchief, and I in my cap,
Had just settled our brains for a long winter’s nap.

When out on the lawn there arose such a clatter,
I sprang from the bed to see what was the matter.
Away to the window I flew like a flash,
Tore open the shutters and threw up the sash.

The moon on the breast of the new-fallen snow
Gave the lustre of mid-day to objects below.
When, what to my wondering eyes should appear,
But a miniature sleigh, and eight tinny reindeer.

With a little old driver, so lively and quick,
I knew in a moment it must be St Nick.
More rapid than eagles his coursers they came,
And he whistled, and shouted, and called them by name!

"Now Dasher! now, Dancer! now, Prancer and Vixen!
On, Comet! On, Cupid! on, on Donner and Blitzen!
To the top of the porch! to the top of the wall!
Now dash away! Dash away! Dash away all!"

As dry leaves that before the wild hurricane fly,
When they meet with an obstacle, mount to the sky.
So up to the house-top the coursers they flew,
With the sleigh full of Toys, and St Nicholas too.

And then, in a twinkling, I heard on the roof
The prancing and pawing of each little hoof.
As I drew in my head, and was turning around,
Down the chimney St Nicholas came with a bound.

He was dressed all in fur, from his head to his foot,
And his clothes were all tarnished with ashes and soot.
A bundle of Toys he had flung on his back,
And he looked like a peddler, just opening his pack.

His eyes-how they twinkled! his dimples how merry!
His cheeks were like roses, his nose like a cherry!
His droll little mouth was drawn up like a bow,
And the beard of his chin was as white as the snow.

The stump of a pipe he held tight in his teeth,
And the smoke it encircled his head like a wreath.
He had a broad face and a little round belly,
That shook when he laughed, like a bowlful of jelly!

He was chubby and plump, a right jolly old elf,
And I laughed when I saw him, in spite of myself!
A wink of his eye and a twist of his head,
Soon gave me to know I had nothing to dread.

He spoke not a word, but went straight to his work,
And filled all the stockings, then turned with a jerk.
And laying his finger aside of his nose,
And giving a nod, up the chimney he rose!

He sprang to his sleigh, to his team gave a whistle,
And away they all flew like the down of a thistle.
But I heard him exclaim, ‘ere he drove out of sight,
"Happy Christmas to all, and to all a good-night!"

Dekbeddendiscriminatie

Ooit had ik zo'n vierseizoenendekbed voor mezelf gekocht, lekker groot en lekker warm. Maar manlief had het na zijn komst al snel té warm, dus gebruikten we alleen het zomerdekbed. Ik had een extra dekentje voor als het te koud werd. Maar toen ik me daar eigenlijk standaard onder opkrulde, was de maat vol. Tijd voor vervanging. Ik toog naar de winkel en legde het probleem voor. Bleek niet eens zo heel uniek te zijn: over het algemeen hebben mannen het warm en vrouwen koud. Er is wel een alternatief met een rits door het midden, maar dat ligt niet echt lekker. Dus wees ik naar het dekbed dat centraal in de zaak uitgestald lag. 'Doe die maar, ook een mooie prijs!' De verkoopster keek me samenzweerderig aan. 'Een goede keuze, mevrouw. Maar ...' Ik voelde al nattigheid. 'Het dekbed dat u daar aan de andere kant ziet, is iets duurder. Maar daar zitten dan ook wel veertjes van Franse ganzen in. U merkt gelijk het verschil. Warm als het warm moet zijn, koud als het koud moet zijn. Precies iets voor uw man en uzelf dus!' Nu zag ook dat dekbed er prima uit. En de prijs was niet zo gek hoger. En zeg nou zelf, als je kunt kiezen tussen Franse ganzen en ...., ja, tussen wat eigenlijk? Ik vroeg het aan de verkoopster. Ze boog zich een beetje naar me toe en zei zachtjes: 'Tjechische ganzen!' Ze keek me aan in de overtuiging dat ik het roerend met haar eens zou zijn. Ik besloot dat geen enkele reactie zou volstaan, betaalde het dekbed en liep de winkel uit. Nooit geweten dat er zelfs discriminatie in de dekbeddenbranche bestaat!

Kerstkaarten

Vorige week mailde een collega: 'Heb zo gelachen! Ik had de kerstkaarten op tafel gelegd. Oudste komt binnen, wijst naar een kaart en zegt: 'Die is van 3ne!' Je wordt voorspelbaar, of toch in elk geval in het soort kerstkaarten!' Ik glimlach. Weet meteen om welke kaart het gaat. Maar had er geen erg in dat deze herkenbaar waren. Ik maak een printje en leg dit in het kerstkaartenkistje, voor volgend jaar ter herinnering. Dan ga ik de meest 'niet 3ne-achtige' kerstkaart sturen die ik kan vinden! Vandaag lag er weer een stapel kerstkaarten te wachten op onze thuiskomst. Ik haal ze samen met de rest van de post uit de brievenbus en schiet in de lach. Ik herken hun kerstkaart namelijk ook gelijk! Het is een foto uit hun favoriete vakantieland met een werkelijk prachtige nieuwjaarstekst. Maar daar herken ik de afzender niet aan. Wel aan het handschrift!

Olifanten en zo

We zitten aan de lunch als een van de directeuren langs loopt. Hij groet ons, vervolgt zijn weg en draait zich dan abrupt om. 'Wat heb ik nou gehoord?', zegt hij tegen een van mijn collega's. 'Heb je een nieuwe baan? Vond je het niet leuk meer bij ons?' We zwijgen verbluft. De betreffende collega krijgt een kleur. Ze kijkt ons even aan en antwoordt dan: 'Het klopt dat ik aan het solliciteren ben. En dat het er goed uit ziet. Maar ik krijg morgen pas te horen of ik de baan ook heb!' Enigszins gegeneerd blikt ze weer in onze richting: 'Ik had het jullie willen vertellen zodra het zeker was. Maar de keuze kan nog steeds op de andere kandidaat vallen'. De directeur mompelt iets en verdwijnt. Blijkbaar is er sprake van een misverstand. Of hij weet al meer dan zij. Hoe was dat spreekwoord ook alweer over olifanten en porceleinkasten of zoiets?

Klapzoen

Marketing heeft me altijd al in hoge mate geïnteresseerd. En het grootste deel van mijn carrière tot nu toe heb ik ook altijd wel ergens in die hoek vertoefd. De spanning en de sfeer rondom reclame-uitingen, formules en het spelen met Nederlandse taal vind ik heerlijk om te ervaren en geweldig om in op te gaan. Maar toen ik op de radio hoorde dat de hele discussie rondom het woord 'negerzoen' eigenlijk voortkwam uit een marketingactie, toen viel ik toch wel even stil. Ook ik heb er een item aan gewijd op dit log. Vond het grote onzin dat er op deze manier met taal en gevoelens werd omgegaan. En kocht vervolgens inderdaad bij de wekelijkse boodschappen een doos negerzoenen. Lekker! Maar vanuit het vak bestaan er naar mijn bescheiden mening toch echt grenzen. Ook al heb ik een soort van bewondering voor de manier waarop je blijkbaar mensen kunt manipuleren tot aankopen. En al was de actie gebaseerd op een waargebeurd verzoek, dan nog vraag ik me af in hoeverre er nu over de ruggen van onze kleurige medemens zoetigheid wordt gegeten en winst wordt gemaakt. En dat alles onder de alles bedekkende mantel 'Free publicity'? Daar zal ik me de komende donkere dagen eens op bezinnen.

Kerstmarkt

Eigenlijk had ze zich gewoon om laten kletsen. Haar vriendinnen hadden al geboekt, en waarom ze eigenlijk niet meeging? Voordat ze het wist, had ze toegezegd. Maar naarmate de dag dichterbij kwam, kreeg ze zo haar bedenkingen. En wij ook! Het was vroeg op, niet haar sterkste kant. En ze was pas laat thuis, ook al geen hobby. Het vervoer was per bus geregeld. Hoe lang was het ook alweer geleden dat ze daarin had gezeten ... Twintig jaar of zo? En gebeuren daar de laatste tijd niet opvallend veel ongelukken met nare afloop mee? We probeerden haar en onszelf gerust te stellen. Zeiden dat het vast heel gezellig werd. Fantaseerden over al die vrouwen, die gierend van het lachen melig door het gangpad rolden. Ze wist het zo net nog niet. Maar wilde geen watje zijn. Dus vertrok mijn moeder vanochtend vroeg, heel vroeg, met haar vriendinnen in een touringcar naar een kerstmarkt in Duitsland. Na een uur of wat ging de telefoon. Ze gierde inderdaad van het lachen. Het was hartstikke leuk. Wij haalden opgelucht adem. Tja, je moet ze loslaten, he! Ook als ze bijna 65 jaar oud zijn.

Kapster

Normaalgesproken gaat Floppy rond deze tijd een keer extra naar de kapster. Om er tijdens de feestdagen netjes uit te zien. Het is beslist niet een van zijn hobbies. Ondanks dat het een leuke meid is, trilt hij als een juffershondje zodra we voor de deur stoppen. Hij smeekt me bijna om niet te worden achtergelaten. Laatst hadden mijn man en ik het er weer eens over. Floppy is hoogbejaard: 14,5 jaar oud. Hij is een kras baasje, maar ooit houdt zijn hartje op met slaan. Niet aan denken. Maar we vragen ons dus af in hoeverre we hem nog met 'onnodige' stress moeten confronteren. Het besluit was snel genomen. Dierenarts: ja. Kapster: nee. Maar dat liet onverlet dat hij wel hoognodig gekortwiekt moest worden. Dus pakte ik zelf de schaar. Dat dit stiekum toch 'onnodige stress' veroorzaakte, moge duidelijk zijn. Vooral als ik in de buurt van billen en oren kwam. Maar het resultaat mag er na een uurtje wel wezen. Floppy kijkt heel vrolijk uit z'n ogen! Zijn kapster zou trots op me zijn.

Dashond

Ik zag 'm hangen en kon de verleiding niet weerstaan: een hartstikke leuke zwart-grijze sjaal met pompoentjes eraan. Ik heb meer dan genoeg sjalen en het weer hier in Nederland geeft niet echt veel gelegenheid om er een te dragen. Maar hij zat in de uitverkoop voor de helft van de prijs. Trots sloeg ik 'm om mijn hals. Op kantoor kreeg ik leuke complimentjes. Ik was blij. Maar toen ik bij mijn moeder langsging om 'm te showen, zag Sidney de sjaal nog net even eerder. Ook zij vond 'm dol, vooral die balletjes! Voordat ik met mijn ogen kon knipperen, had ze er al een vakkundig verwijderd en haar kaken om twee anderen zitten. Ik kon ze nog net redden! Beteuterd hield ik de sjaal in mijn handen. Moest ik nu voortaan bedacht zijn op de aanwezigheid van Sidney? Dat was niet de bedoeling! Gelukkig keek Floppy me eenmaal thuis verwachtingsvol aan. Hij vond de sjaal ook leuk. En lekker warm. Bovendien wordt het de komende week een stuk kouder en zijn botjes kunnen best wat extra warmte gebruiken. Nooit geweten dat hij een echte dashond was!

Louis heeft gelijk

Het was al een hele tijd geleden afgesproken. En door omstandigheden een paar keer verzet. Maar vandaag gingen mijn vriendin en ik shoppen. We liepen van de ene naar de andere winkel. Kleding, kerstartikelen, dvd's, alles wat ons interesseerde. En uiteraard werd er geld uitgegeven! Toen we bij de kassa stonden om af te rekenen, zag ik op de richel eronder een portemonnaie liggen. Pasjes en rijbewijs waren zichtbaar. Ik wees de kassajuffrouw erop. 'Krijgen we dat weer!' zei ze, 'Kan ik er weer achteraan!' We keken elkaar verbaasd aan. 'Hoe bedoelt u? Ik weet wel dat ik behoorlijk in paniek zou raken als ik mijn portemonnaie kwijt raakte!' 'Nou', antwoordde ze, 'het gebeurt wel vaker. En we moeten altijd behoorlijk wat moeite doen om de eigenaar te achterhalen. Vaak zelfs zonder bedankje!' Ze was humeurig, dus ik geloofde er eigenlijk niet zoveel van. Maar in de volgende winkel wees een verkoopster ons op een handtas ergens bij een kledingrek: 'Verlies 'm niet uit het oog, dames, straks bent u 'm kwijt!' Maar het was niet de onze! Even later zag ik een ongeinteresseerde eigenaresse de tas weer in ontvangst nemen. Om met de woorden van Louis van Gaal te spreken: Ben ik nou zo slim, of zijn zij nou zo dom?

Verrassing onder de boom

Ook al sta ik niet achter de ver-Amerika-nisering van ons land, ik vind het wel leuk om kerstcadeautjes onder de boom te leggen. Mooi verpakt in glinsterend papier met strikken en tierelantijntjes. En uiteraard worden die pakjes met kerstmis aan vrienden en familie uitgereikt. Een aantal geschenken had ik een tijdje geleden al gekocht. Te leuk om te laten liggen en je zult zien dat je je er anders tegen kersttijd kwijt naar zoekt. Gisteren heb ik ze uit de kast gehaald, ingepakt en ze een plekje onder de boom gegeven. Het ziet er feestelijk uit. Maar toen ik vanmiddag Floppy wilde uitlaten, kon ik 'm nergens vinden. Overal gezocht, op al zijn favoriete en minder favoriete plekjes, maar geen hond te vinden. Toen viel mijn oog ineens op een oor. Een hondenoor. Tussen de dennentakken! Wat bleek: hij was voorzichtig onder de kerstboom gekropen en lag in een hoekje te slapen. Omgeven door cadeautjes en het groen viel hij niet op. Iemand krijgt dit jaar wel een heel verrassend kerstgeschenk!

Zeelucht

Ook zeelucht is goed voor hoofd, hart en longen. Dus besluiten mijn moeder en ik naar het strand te rijden. We boffen met het weer: zon met een koude wind. Sidney gaat door het lint als ze de zee ziet (maar er is niet zo heel veel voor nodig om Sidney door het lint te laten gaan). Floppy gedraagt zich naar zijn leeftijd en stapt een stuk beheerster op het zand. Tot het moment dat hij een stuk hout (formaat openhaardblok) ziet liggen. Hij duikt er opaf en laat zich niet bidden om het af te staan. We lopen een heel eind langs de branding. Dan kijkt mijn moeder me aan: 'Sorry, maar ik moet eigenlijk heel nodig naar het toilet!' Tja, de strandtenten zijn gesloten. En het is niet echt aanlokkelijk om met blote billen in de ijzige wind achter een duin te gaan zitten. Dan klaart mijn gezicht op: mijn schoonmoeder woont hier niet al te ver vandaan. We lopen terug naar de auto en staan even later op de stoep. 'Dag mevrouw', zegt mijn moeder terwijl ze van het ene op het andere been huppelt, 'mag ik heel alstublieft even van uw toilet gebruik maken?' Mijn schoonmoeder schiet in de lach: 'Wat een verrassing, kom gauw binnen!' Een uur, een kop thee en drie chocolaatjes verder stappen we weer in de auto. Wat is het toch gezellig om hard aan je conditie te werken!

Sidney door het lint

Werkdruk

Mijn leidinggevende is erg zuinig op mij en wil dus niet dat ik meteen volledig aan de slag ga na de heftige astma-aanval van vorige week. 'Begin maar eens rustig met halve dagen thuis, dan kijken we daarna wel verder'. En 'baas' zijn wil is wet, dus ik log om half 10 pas aan. Meteen vliegen allerlei MSN-berichten van collega's over het scherm. Hoe het met me is, of ik inderdaad goed aan mezelf wil denken en vooral rustig aan zal doen. Fijn om te merken dat ze me hebben gemist. Als ik iedereen naar tevredenheid te woord heb gestaan, ga ik aan de slag. Er ligt behoorlijk wat werk, maar het is te overzien en volgens mij kan ik het grootste deel in een paar uur wel wegwerken. Dan belt de baas. Hoe het gaat. En hoe laat ik denk af te sluiten. En of ik besef dat hij daar dus ook echt op staat! 'En dan nu zakelijk', vervolgt hij. 'Ik heb even je hulp nodig bij een presentatie.' Na ruim een uur hangt hij op. De presentatie is af en ziet er prima uit. Maar mijn oren toeteren en de bijbehorende activiteiten (plannen van bijeenkomst, vergaderruimte en -faciliteiten) moeten meteen worden geregeld. Helaas zit dat tegen: als de een agendatechnisch kan, heeft de ander een overleg dat niet te verzetten valt. En als de groep eindelijk één gezamenlijk moment beschikbaar heeft, zijn alle vergaderruimtes bezet. Al met al ben ik er nog eens een uur mee bezig en geen stap gevorderd met de oorspronkelijke berg werk. Het wordt doorjakkeren, maar het lukt me nét om op tijd af te sluiten. Ik wis het zweet van mijn voorhoofd en pak een boterham. 't Is hard werken, dat rustig opstarten! Met nogmaal dank aan de baas!

Kerstjuwelen

Als de kersttijd weer aangebroken is, komen er dozen uit de berging, tot de nok toe gevuld met kerstjuweeltjes. Elk item heeft zijn eigen verhaal. Zo is er een trein: kerstman in de locomotief met drie wagonnetjes vol cadeautjes. Gekregen van mijn moeder. Een kerstbal in de vorm van een porceleinen eikel met Knabbel en Babbel eronder, in Amerika bij de Disneystore besteld. Twee kandelaars in de vorm van kerstman en kerstvrouw, nog van mijn oma gekregen. Een kaars in de vorm van een sneeuwpop, waar mijn toenmalige baas me mee verraste. En ieder jaar wordt de dierbare collectie aangevuld met minimaal één nieuw pronkstuk. Mijn man houdt het met argusogen in de gaten. Hij geniet van mijn blijdschap, maar er zijn grenzen. Zo trok hij een streep bij de kerstverlichting voor het raam, bestaande uit rendiertjes met een rood lampje als neus. Maar voor het overige laat hij het over zich heen komen, het zijn maar drie weken per jaar. Zo vond ik gisteren stoelhoezen in de vorm van een kerstmuts. Ik was er wég van, maar liet ze enigszins voorzichtig thuis zien. Kan dit? Tot mijn verbazing vroeg mijn man of ze er nog méér hadden. 'Want', zo zei hij, 'als we volgend jaar de verbouwing achter de rug hebben en we met de hele familie aan tafel zitten, zou het dan niet leuk zijn als élke stoel zo'n hoes had?' Ik staarde hem stomverbaasd aan. Maar hij was serieus. Ik had precies drie minuten nodig om terug in de winkel te komen. Buiten sprak een man mij aan. 'Pardon mevrouw, weet u of ze hier kerstmutsen verkopen', vroeg hij met een knipoog. Ik lachte, met mijn armen vol stoelhoeskerstmutsen: 'Ja, maar ze zijn net uitverkocht!'

K-boom

We rijden naar onze kerstboomhandelaar. Net als andere jaren vind ik vrij snel de perfecte bomen. De man helpt met het inladen, waar ik blij mee ben, want echt fit voel ik me nog niet. Eenmaal thuis probeer ik de boom in de standaard te krijgen. Maar dat valt niet mee. Hij stribbelt aan alle kanten tegen en wil niet wat ik wil. Dan ineens valt hij naar voren. De kroonluchter hangt gelukkig 'in de weg' en voorkomt dat de boom alles op tafel verplettert. Ik slaak een vloek: 'K-boom!! (lees: Kerstboom) En nou luisteren, anders zwaait er wat!' In de overtuiging dat dit helpt, sla ik nog een keer mijn armen om hem heen. Een naald prikt venijnig in mijn oog, maar dan is het ook afgelopen: hij staat. Als mijn man thuiskomt, vertel ik het verhaal. Maar die schudt nadrukkelijk zijn hoofd. 'Daar trap ik dus niet in, he! Eerst hoor ik weken achter elkaar dat Sinterklaas wél bestaat. En nu moet ik dus geloven dat ook de kerstboom een eigen leven leidt?! Dat hij zometeen dus met z'n takken naar me zwaait?!' Ik schud mijn hoofd. 'We hebben een paar stevige woorden gewisseld. Hij heeft plechtig beloofd dat hij de rest van het jaar doodstil blijft staan.' Mijn man lacht. Maar achter zijn hoofd zie ik takken bewegen. De warme luchtstroom naar het plafond? Ik weet wel beter en knipoog terug (met mijn pijnlijke oog). Vrede op aarde. En in mensen en bomen een gevoel van welbehagen!

Uit de lucht

De laatste dagen was ik uit de lucht. Letterlijk! Sinds mijn vroege jeugd heb ik al last van benauwdheidsverschijnselen. 'Astma als gevolg van allergie', werd er gezegd. 'Daar groeit ze wel overheen.' Dat klopt, 'ze' groeide er inderdaad overheen. De dagelijkse medicatie werd vervangen door 'in geval van nood-capsules', die ik twee a drie keer per maand nodig heb. Maar de laatste weken ging het minder goed en pakte ik ze steeds vaker. Na weer een ademloze nacht kon en wilde mijn man het niet langer aanzien en bracht me naar de huisarts. Die schreef onmiddellijk zwaardere medicijnen voor en gaf me huisarrest: 'Rust en beslist geen huishoudelijk werk!' Vanochtend moest ik terugkomen. Hij was 'niet ontevreden'. Ik mag de medicijnen afbouwen en moet over een paar weken terugkomen. Dan laat hij mijn longen weer eens helemaal nakijken, gewoon, bij wijze van onderhoudscontrole. 'In de tussentijd kun je stomen met eucalypthus- of dennenolie', zei hij. 'Die geuren zijn goed voor je luchtwegen!' We gaan straks dus maar gelijk een kerstboom kopen. Op doktersadvies!

Lichtgevend voorbeeld

Sidney is nu zeven maanden oud. Bijzonder aanwezig. Bijzonder speels. Bijzonder ondeugend. Ze haalt streken uit die je wel kunt maar niet wil verwachten. Ze keurt versgebakken appeltaart of het beleg van je brood. Ze versnippert de gebruiksaanwijzing van de skibox en de schoonmaaksponsjes. Ze terroriseert Floppy met haar jeugdige charmes. En zo kunnen we nog wel even doorgaan. Maar vandaag spande ze echt de kroon. Toen mijn moeder vorig jaar erg ziek was, kreeg ze een klein rubber fluoriserend eendje voor op het nachtkastje. Als ze dan weer eens wakker lag van de pijn, had ze een lichtpuntje om zich op te richten. Sindsdien waakt het eendje over haar als het donker is. Tot vanochtend. Want toen speelde Sidney op de slaapkamer. En vond het eendje. Samengevat: het eendje is niet meer. Gelukkig had ik nog een reserve-eendje achter de hand gehouden voor noodgevallen. Dus mijn moeder kan gerust zijn en hoeft geen donkere dagen en nachten te vrezen. Maar ik ben erg benieuwd of Sidney vannacht licht geeft in het donker!

Hulpsinterklaas

Sint heeft het hartstikke druk deze dagen. Dus ik was heel vereerd toen hij me vroeg een handje te helpen. Zo bracht ik een bezoek aan een vriend hier vlakbij, om namens de Sint een hart van borstplaat in zijn schoen te verstoppen. Ik opende zijn voordeur (Pieten gaan door de schoorsteen, maar hulpsinterklazen dus echt niet!) en schrok me vervolgens een mijtertje! Iets harigs, klein en zwart, vloog me door het donker tegemoet. Geen verdwaald klein pietje, maar een teckel! Het bleek het hondje van de buurvrouw te zijn, dat via de balkondeur en aangrenzend terras naar binnen was geslopen. Op haar vraag wat ik kwam doen, vertelde ik de suprise. Ze beloofde plechtig niets te verraden. Samen pakten we een van de laarzen en plaatsten die voor de kachel. Snoepgoed erbij en klaar was Klaas. Hartelijk namen we afscheid, waarbij ze me verzekerde dat het geheim veilig was bij haar. Nu maar afwachten of teckels hun belofte nakomen. Of stiekum heel erg dol zijn op borstplaat!