Buidulud
Het herstel vordert maar langzaam. De drukkende hoofdpijn is verdwenen. Maar als ik hoest, moet ik minutenlang bijkomen. De koorts is gezakt. Maar manlief komt niet meer bij van het lachen als ik 'buitelend' antwoord op zijn vraag hoe het met me gaat. 'Buidulud'. Mijn moeder komt op bezoek en neemt haar hond Sidney mee. Sidney is wel eens vaker bij ons en stormt dus de trap op. Als ze mij in bed ziet liggen, houdt ze in. Bed = ziek = rustig aan. Ze toont dus beheerst (lees: gecontroleerd onstuimig) dat ze met me meeleeft. Als ik wat later naar de bank verhuis, met dekentje, is dat voor haar echter een teken dat het herstel heeft ingezet. Manlief moet haar tot de orde roepen: 'Af en luisteren!' Ze gehoorzaamt. Alleen haar staart zwiept enthousiast heen en weer. Na een half uurtje vertrekken ze weer. Ik ben volledig afgepeigerd. 'Maandag moet het over zijn, anders kom je terug', zei de huisarts. Ik weet dus wie ik morgen als eerste bel voor een afspraak. Buidulud.
NB: Diagnose is bronchitis, tegen longontsteking aan. Zwaardere medicijnen en nog een week rust gekregen.
Boodschappen doen
Voordat manlief en ik verkering kregen, deed hij gewoon zelf zijn boodschappen. En aangezien hij boven een supermarkt woonde, was hij daar nog eens heel bedreven in ook. Hij kwam er zogezegd dagelijks. Ook ik was gewend om voor mijn moeder en mijzelf van alles in onze respectievelijke huizen te halen. En aangezien ik meestal tot de vroege vogels behoor, kwam die huishoudelijke taak bij mij te liggen. Ik sta op zaterdag lekker vroeg in de winkel, dan is het nog niet druk. Als ik thuis kom, is manlief meestal wakker en helpt me met het opbergen. Goed geregeld dus. Maar nu moet ik het bed houden van de huisarts. En mag manlief zijn kunsten weer vertonen. Om hem te helpen, maak ik een boodschappenlijstje. Als ik het uitprint, valt mijn oog op een nieuwsbericht. Ik schiet in de lach (en aansluitend in de bijbehorende niets en niemand ontziende hoestbui). Hier past maar een reactie: hamsteren!!!
Venijnig virus

Aangezien de klachten steeds erger worden, bel ik de huisarts. Hij heeft aan een halve hoestbui genoeg: 'Er heerst een venijnig virus, de halve stad loopt ermee. Of liever gezegd: is erdoor geveld! Onder de wol met een antibioticakuur. En ik hoop dat het bij eentje blijft!' Voor de zekerheid voegt hij eraan toe: 'Ik zei dus in bed blijven! Minimaal tot zondag!' Ons kent ons. Maar ditmaal zijn zijn woorden heus niet aan dovemansoren gericht. Ik voel me hondsberoerd. Gelukkig hoef ik alleen de straat maar over te steken naar de apotheek voor de penicilline. Voor me staan acht mensen te wachten. Zichtbaar ziek en ze hoesten stuk voor stuk hetzelfde. De halve stad is misschien overdreven, maar het geldt zeker voor onze wijk. Tien minuutjes later kruip ik terug onder de dekens. Ik heb weinig keuze. Of het zou tussen een venijnig virus en een dreigende dokter moeten zijn!
Omgekeerde prinses op de erwt

Mijn warmste pyama. Dan het dekbed. Een wollen deken, dubbelgeslagen. Een polyester plaid. En bovenop mijn fleecedeken. Ik lijk wel een omgekeerde prinses op de erwt. Het helpt allemaal niets, ik lig te bibberen van de kou. En water loopt aan alle kanten uit mijn hoofd. Manlief vraagt bezorgd of de hete kruik soms lekt, zoveel water kan niet uit mijzelf komen. Ik ben grieperig. En ik heb stiekum toch een beetje met mezelf te doen. Het is zoals altijd lekker druk op kantoor. Ik ben met heel veel leuke dingen bezig. En pakjesavond komt eraan, waarvoor ik een geweldig leuk idee heb. Dit kwakkelende was absoluut niet de bedoeling. Maar ik heb geen keuze: ik moet naar bed. Of zoals een collega meelevend schreef: 'Zoek het maar uit! Euh .... ik bedoel natuurlijk ziek!
De eerste sneeuw
De wind huilt door de straat. Onwillekeurig duik ik dieper weg in mijn kraag. Iets dat volstrekt niet nodig is, want het is zeker 12 graden boven nul. De sneeuw plakt aan mijn jas en mijn haren. Lachend wijs ik op de neus van manlief, waar een grote vlok zich voorneemt de rest van de winter te blijven. Manlief grijnst terug en blaast 'm weg. Een paar minuten later is het alweer voorbij. We waanden ons eventjes in Oostenrijk, maar lopen verder in Main Street, Disneyland Parijs. Een paar dagen later. De kachel staat hoog, warme chocomelk en zelfgebakken gevulde speculaas op tafel. Buiten ligt al een dik pak sneeuw en nog veel meer collega's dwarrelen langzaam naar de aarde toe om zich bij de rest te voegen. Ik zit met mijn neus tegen de ruit gedrukt en geniet. De eerste sneeuw dit jaar. Hoewel, eigenlijk de tweede. Maar een kniesoor die daarop let!
Afscheid voor altijd

Ze klinkt hoorbaar van streek. Het is ook niet niks. Je leert al op jonge leeftijd dat je ooit afscheid van je grootouders moet nemen. Logisch, want die zijn immers al 'oud'. Later leer je dat leeftijd er helemaal niet toe doet. Zoals Kluun zei: van leven ga je dood. Dus je hoopt maar dat je ouders nog lang en in goede gezondheid bij je blijven. En dan nog blijkt 'lang' bij lange na niet lang genoeg te zijn. Maar als iemand van je eigen leeftijd sterft aan een nare ziekte, dan hakt dat er behoorlijk in. Ik weet niet zo goed wat ik moet zeggen om haar te troosten. Alles lijkt onzinnig en triviaal. Als we ophangen, ben ik dan ook niet bepaald tevreden over mezelf. Maar mijn vriendin is wijs. Wijzer dan ik in elk geval. Want ook al heb ik ervaring met persoonlijk verlies in het kleine kringetje om mij heen, zij weet dat het niet uitmaakt wat je zegt. Als je maar laat merken dat je meeleeft. Dat vertelt ze me als ik een zelfgebakken gevulde speculaastaart afgeef. Met een dikke knuffel nemen we afscheid van elkaar. Hopelijk kunnen we dat nog heel vaak herhalen. Tot we oud, grijs en wijs zijn, allebei.
Lachen!

We lopen door Disneyland Parijs. Het is gezellig druk: je ziet overal mensen maar er zijn geen wachtrijen voor de attracties. De door het hotel verstrekte fastpasses gebruiken we niet. Als we van Discoveryland naar Fantasyland lopen, worden we ineens omringd door zeven dwergen. Ik kan me niet herinneren ze ooit allemaal tegelijk te hebben gezien, afgezien van op een praalwagen tijdens de parade. Ook Tiger verschijnt en buitelt ons voorbij. Dan komt King Louis uit Junglebook op ons af, vergezeld door Balou en een aap. Ze trekken aan onze haren en gebaren dat ze met ons op de foto willen. Het is een dolle boel voordat iedereen stil staat, maar het resultaat is hartstikke leuk. Ik geef een knuffel aan Balou: tot ziens en nog een fijne dag! Als we verder lopen, informeert manlief: 'Je weet toch dat er iemand in dat pak zit, he! En dat die zich nu werkelijk een deuk lacht om jou!' Maar ik schud mijn hoofd. Hij begrijpt er niks van. Ook al is hij besmet, de Disney-magie heeft manlief nog niet te pakken. Een mooi voornemen voor volgend jaar!
Besmet

Dat ik al jaren en jaren geleden besmet ben geraakt met het Disneyland Parijs-virus is voor degenen die mij een beetje kennen geen verrassing. Dat ik minimaal mijn moeder heb aangestoken, is ook geen geheim. We komen er veel en graag. Een dagje heen en weer of een paar dagen achter elkaar met overnachting in een van de hotels. Vooral de sfeer spreekt ons aan. Ik heb ook heel lang een jaarkaart gehad, die meermalen over de kop ging. De tel van de totaalstand ben ik allang kwijt. Doet er ook niet toe. En hoewel het wat commerciëler en minder schoon is dan in het begin, is het jaar niet af zonder bezoek aan het pretpark. Manlief ging dit keer voor de vierde keer mee. Hij vindt eenmaal per jaar voldoende. Maar ook hij had natuurlijk geen schijn van kans. Dat bleek pas goed toen we maandagavond in de shop van het Disneyhotel stonden. En hij mijn aandacht op het item vestigde. Toch wel leuk. Zeker op zondag. En die van ons is eigenlijk aan vervanging toe. Zou toch sneu zijn als hij het binnenkort begeeft en we hebben nu de kans. Manlief hoefde niets meer te zeggen, ik was overtuigd. Zeker toen de kassajuffrouw ook nog vertelde dat hij kon zingen! Die knop hebben we overigens niet ontdekt. Waarschijnlijk een misverstand. Hoe het ook zij: komende zondag hebben wij witte boterhammen bij het ontbijt. Met een versgeroosterd gezichtje van Mickey Mouse. Ik verheug me er nu al op!
Sint Nicolaas-magie

Elk jaar weer dezelfde discussie. Hij bestaat niet. Hij bestaat wel. Manlief gelooft niet. Ik geloof wel. Gisterenmiddag gingen we op bezoek bij schoonmama. Maar niet voordat ik had gezien dat Hij daadwerkelijk aan wal stapte in Almere. Sint Nicolaas. Mijn kinderhart bloeit op in de weken voor de aankomst. Natuurlijk lees ik nieuwsgierig wie er op mijn lootje(s) staat en stort ik me in pakjes en gedichten. Maar als Hij op televisie is, zwijg en luister ik. Ik koester het boek waar hij vorig jaar een persoonlijke groet in plaatste. En als Hij zegt dat je natuurlijk je schoen mag zetten, maar dat Hij nog niet kan beloven dat Hij elk huis die eerste avond bezoekt, geloof ik hem. Ik zet mijn hooggehakte laars voor de kachel en ga opgewekt naar bed. Vanochtend ben ik gelijk wakker als ik me realiseer dat de nacht voorbij is. Als ik in de woonkamer kom, vind ik in elk geval mijn schoen terug. En er ligt een pakje in! Manlief weet echt van niets, dat zie ik aan zijn ogen. En ik geloof hem. Want ik geloof in magie. En in Sint Nicolaas.
And the Oscar goes to ....
Toen de nieuwe supermarkt in onze straat een paar maanden geleden opende, pakte ze de klantenbinding gelijk goed aan. Lekkere sfeer in de winkel, overal elke dag van 's ochtends tot 's avonds proeverijtjes, een leuk hoekje voor de kinderen en een prikbord waar je een foto van je huisdier kon ophangen. Elke vier weken wordt een huisdier van de maand gekozen. Natuurlijk was ik een van de eersten met een foto van Floppy. Reikhalzend keek ik uit naar de verkiezing. Tot mijn teleurstelling hing er een foto van een nikszeggende kat in het betreffende hokje. Maar goed, op naar de volgende. De weken kropen voorbij. Ik kon niet wachten tot het einde van de maand. Niks hoor, weer een kat! En ook de derde keer grepen we mis. Vanochtend hielp manlief met de wekelijkse boodschappen. Toen ik bij de kassa stond, zei hij ineens: 'Kijk nou, Floppy heeft gewonnen!' Verbaasd keek ik naar het prikbord. En ja hoor, de foto van Floppy hing ineens rechtsboven. De kassajuffrouw reikte lachend om onze enthousiaste reacties de prijs uit. Thuisgekomen bleef de winnaar er redelijk cool onder. Tja, hij heeft inmiddels ook de respectabele leeftijd van 16 en een half bereikt. Maar toen we hem daarstraks uitlieten, liep hij wat rechter dan anders. Het doet toch wat met je. Zelfs als je een tas vol kluifjes van het huismerk krijgt!
Voor jou maar even

Van tevoren overtuig ik mezelf dat ik er goed aan doe. Weer. Als ik het nog 9 keer volhoud, krijg ik zo'n leuke knuffel-pelikaan. Ook leuk. Maar elke keer als ik bloed geef, ben ik er een dag goed ziek van. Hangerig, vermoeid, lichte hoofdpijn. Maar ik heb het ervoor over. Voor mij maar even, voor haar een heel leven. Alleen ging het vandaag ook nog een beetje mis. Een nieuwe zuster, nog een beetje onwennig. Ze prikte mis en gelijk stonden er drie zusters om me heen. Voor ik het wist, lag de ene arm in het ijs en had het hoofd van de afdeling zelf de andere arm in haar handen. Ik kreeg wat te drinken en wat te eten en heel veel aandacht en doekjes tegen het bloeden. Met een drukverband en de mededeling dat ik er een dag of wat last van zou hebben, mocht ik weer naar huis. Nu hang ik op de bank. En hou mezelf voor dat het morgen vast een stuk beter gaat. Manlief is een beetje boos. Die vind het zo langzamerhand welletjes. Genoeg is genoeg. Maar voor mij is het maar even. En voor haar een heel leven. Toch?
Koeltasje

Een collega met wie ik goed bevriend ben had een koeltasje geleend. Zo'n fijn kleintje, waar precies een paar broodjes, een blikje fris en een yoghurtje in passen. Praktisch en gemakkelijk, bijvoorbeeld voor het lunchpakket onderweg naar de wintersport. Ik had hem nog gewaar-schuwd: 'Raak het niet kwijt!' Dat had hij beloofd. Maar ineens stond hij voor me, met een licht paniekerige blik in zijn ogen. Hij had het naast het bureau gezet. Toevallig net naast de prullenbak. En nu was het weg. Gewoon, weg. Maar hij zou een nieuwe voor me kopen, beloofd! Het lukte me om verbaal vriendelijk te blijven. Het ging immers niet om een ernstig ziek kind of zo. Non-verbaal stoomde ik echter: zo ga je toch niet met de spullen van een ander om?! Nu ben ik non-verbaal best duidelijk. Dus hij greep zijn telefoon en belde de huishoudelijke dienst. Even later stond ik bij de afvalcontainers van ons bedrijf. Het rook niet zo fris. Maar nadat we een paar vuilniszakken opzij hadden geschoven, zag ik het koeltasje liggen. Terug op de werkplek trof ik mijn collega's onder tafel liggend van het lachen aan. Ze hadden genoten van het geheel. Ook ik moest grinniken om mezelf. Oke, het ging om een koeltasje. Maar het was wel mijn koeltasje. En daar is alles mee gezegd.
Leerzaam

Vandaag stond er een College op de agenda. Niet zomaar een College, maar een echt Kenniscollege Communicatie! Georganiseerd door onze werkgever voor alle medewerkers die zich met berichtgeving bezig houden. Enigszins blanco ging ik er naartoe. Ik had me aangemeld, maar verder niets meer gehoord. Tenminste, dat dacht ik. Want er waren maar liefst drie emails met een prikkelend onderwerp verzonden. De inhoud verwees naar het College. Leerpunt nummer 1: communicatie via email kan eindigen in de elektronische prullenbak. Een aantal collega's waaronder ikzelf had ze namelijk zonder te lezen als spam verwijderd. Het was ook leuk om mijn vakgenoten te zien. Omdat we op verschillende locaties zitten, zijn de contacten soms minder veelvuldig dan gewenst. Zo kwam ik erachter dat een collega en ik met eenzelfde project bezig waren. Ik had het linkerwiel uitgevonden, terwijl zij de laatste hand aan het rechterwiel legde. Leerpunt nummer 2: kennis delen is machtig! Dit bleek tevens de klapper van de middag: de presentatie van een interne community. Een digitale verzamel- en bewaarplaats van communicatie-items. Het zal de gezamenlijke professionaliteit beslist verbeteren. Of was leerpunt nummer 3 'Vindt jij dat ook?' een grapje?
In den vreemde

Zodra ik het weblog van Peer lees, weet ik het weer. Toen we begin vorig jaar een wasmachine kochten, vertelde de verkoper dat je af en toe het filter moest verschonen. Bij de droger hoef je me daar niet aan te herinneren. Maar bij de wasmachine moet je het echt ergens noteren om het niet te vergeten. Wat ik niet heb gedaan. Dus ik voeg gelijk de daad bij het woord en ga op zoek. Achter een luikje vind ik een schroefdop. Als ik eraan draai, golft er gelijk water uit. Oeps! Eerst de gebruiksaanwijzing maar eens lezen. Uiteraard is die nergens te vinden. Manlief weet raad. Via internet hebben we al snel een Engelse versie te pakken. Met enig zoeken vinden we de juiste bladzijde. Ik spreek goed Engels. En ik schiet in de lach. De filter is selfcleaning. Je hoeft het alleen maar te openen als je op zoek bent naar foreign bodies. Snel roep ik manlief: als er een verdronken Roemeen in onze wasmachine zit, heb ik liever dat hij erbij is. Of kan ik misschien toch beter mijn taalkennis weer eens opfrissen?
Verdronken

Het was me al eerder opgevallen. De keukendeur sluit niet helemaal meer. De tochtstrip is versleten. En er waait nu af en toe een kille wind onderdoor. Maar zoals zoveel van dat soort klusjes, heb ik nog geen kans gezien het te verhelpen. Als ik vanochtend in de keuken kom, zie ik tot mijn afgrijzen een slak in de waterbak van Floppy. Een slak! Vanaf het dakterras zo onder de deur door ons huis binnen gekropen. Hij/zij kan het niet navertellen. Het is hem/haar teveel geworden. Verdronken. Manlief ziet er gelijk een verhaal in. Het dappere weekdier dacht dat tie alles kon. Zelfs zwemmen. Hij had er al zoveel over gelezen. Kwestie van erin springen en blijven drijven. Helaas heeft het niet zo mogen zijn. Ik spoel 'm door het toilet en was de bak grondig uit, terwijl ik wat voor me uit neurie. Ben benieuwd wat indertijd de inspiratie vormde voor Boudewijn de Groot!
Supertante

Mijn nichtje trekt aan mijn mouw en wijst verlegen naar iemand in de mensen-massa. Ik had 'm ook al gezien. Meneer AH is weer aanwezig bij een voorstelling van Aluin. Ze heeft in het kader van een schoolproject de hele dag meegelopen met de theatergroep. In haar stageverslag wil ze graag wat foto's plaatsen. En het leukste is dan natuurlijk een plaatje met een bekende Nederlander. Maar hoe vraag je dat? Ik herken het gevoel maar al te goed. Een jaar geleden zat ik in hetzelfde bootje. Toen heeft manlief het voor me gevraagd. Omdat ik zelf niet zo goed durfde! Nu heeft mijn nichtje mij echter nodig. En dan komt Supertante in actie! Ik stap vrouwmoedig op hem af. Stel mijn nichtje voor. Vertel in het kort waar het om gaat. En vraag of ze met hem op de foto mag. Ik bedien zelf het toestel. Maak twee fantastische foto's. Praat nog even na. En bedank hem dan hartelijk. Samen met een blij nichtje loop ik zelfverzekerd terug naar de rest. Waarom was het vorige keer nou zo moeilijk? Het antwoord is eenvoudig. Toen had ik mijn Supertante-pumps niet aan!
PS: Wordt nu donateur van Aluin en meld je aan via
www.aluin.nl.
Groot geworden door klein te blijven
Het was al eerder een item op D's Days: de straatzanger in onze binnenstad die zo prachtig zong en gitaar speelde. Albert Niland bleek een groot Iers artiest te zijn, die het contact met zijn publiek niet wilde verliezen. En naast grote concerten en televisie-optredens dus regelmatig 'onder de mensen' wilde verkeren. Afgelopen week trad hij in de buurt op. We kenden het plaatsje wel een beetje, maar hadden nog niet eerder van de locatie gehoord. Een tot vestzaktheater omgebouwde boerderij. Albert was al aan het soundchecken toen we aankwamen. We werden op een leuke en persoonlijke manier ontvangen. Terwijl we van een kopje koffie genoten, gaf mijn buurman me een hand: 'Hallo, ik ben Jan. Verheug jij je ook zo op vanavond?' We voelden ons heel snel thuis. En het concert was geweldig. Er stonden grote kandelaars met brandende kaarsen. Albert zat op een van zijn boxen en gaf het allerbeste van zichzelf. Na een toegift mengde hij zich onder het publiek en had voor iedereen een aardig woord. We namen hartelijk afscheid met de belofte in het voorjaar, als zijn nieuwe cd is afgerond, weer naar hem te komen luisteren. Als je de kans krijgt: ga en geniet!
Achter de feiten aan
Toen JF Kennedy werd vermoord, was ik nog niet geboren. En op het moment dat Neil Armstrong in het maanstof stapte, was ik nog veel te klein om zo laat op te blijven. Het dodelijke ongeluk van Prinses Diana gebeurde van zaterdag op zondag. Dan wordt mijn energievoorraad weer op peil gebracht, en radio en televisie krijgen dan niet dezelfde aandacht als doordeweeks. Op 11 september was de wereldwijde belangstelling voor de Twin Towers zó groot, dat het voornaamste communicatiemiddel internet volledig onderuit ging. En vannacht … Vannacht werd Obama overtuigend gekozen tot de eerste 'zwarte' president van de Verenigde Staten van Amerika. Manlief had het zich gemakkelijk gemaakt en heeft de hele nacht voor de televisie gezeten. Gezien hoe staat na staat zich uitsprak vóór Obama. Hij was erbij toen er geschiedenis werd geschreven en luisterde samen met miljarden medemensen naar de overwinningsspeech. En ik? Ik sliep. Wéér een historisch moment gemist.
Van leven ga je dood
In eerste instantie vond manlief het maar niks. Praten over de dood. Wat te doen in geval van. Maar ik heb helaas ervaring met wat er zoal moet gebeuren na het overlijden van een naast familielid. Je zit dan helemaal niet te wachten op het zelf moeten nemen van allerlei beslissingen. Dus zijn we er eens goed voor gaan zitten. En toevallig waren we op kantoor bezig een boekje te maken met allerlei handige tips. Sterker nog: we hebben schrijver Kluun bereid gevonden om er een paar persoonlijke verhalen aan toe te voegen. En dit boekje vervolgens tijdens een korte toernee te signeren voor geïnteresseerden. Natuurlijk hadden we wel wat toeloop verwacht bij die sessies. De regionale pers had ook interesse. Maar het werd geen groot succes. Het werd een overweldigend succes! Tijdens de eerste bijeenkomst werden meer dan 300 boekjes uitgedeeld. Edwin Evers belde met de vraag of Kluun nu een mannetje was geworden. En ook bij de andere locaties stonden mensen in de rij voor het boekje 'Van leven ga je dood'. De dozen waren niet aan te slepen. Het was een heel, heel drukke dag. Dus ik hang 's avonds meer dood dan levend op de bank. Waarschijnlijk net als Kluun zelf. Maar je wilt niet weten hoeveel energie je van dit soort werkzaamheden krijgt!
Authentiek of verzonnen?

Ik droom. We hebben afgesproken: iemand van jullie en wij. Uit privacy-overwegingen ga ik natuurlijk niet vertellen om wie het gaat. Maar het is een collega-blogger. Het leek zo leuk om elkaar eens te ontmoeten. En dat was het. Een gezellig etentje, verhalen over en weer en vooral veel lachen. We nemen hartelijk afscheid. Je bent precies zoals ik dacht dat je bent. Dan word ik wakker. En verbaas me over deze droom. Een aantal van jullie ken ik al jaren. Althans, ik ken het beeld dat je schept via je blog. Net zoals jij mij kent. Het lijkt allemaal authentiek. Maar zekerheid heb je natuurlijk nooit. Voor hetzelfde geld bestaat heel 3ne niet. En werkt ze niet met heel veel collega's in een groot kantoor, ergens in het zuiden van het land. Ze kan wel een bejaarde man zijn, die het computeren op latere leeftijd heeft ontdekt. Vrijgezel en woonachtig in South Carolina, maar van Nederlandse afkomst. Dus vandaar de taal. Het fotootje hier rechtsboven komt uit een nieuwe portemonnaie. Het zou zomaar kunnen. Een groot aantal lezers kent mij wel persoonlijk. Maar zij reageren eigenlijk zelden. Degenen die het vaakst een reactie achterlaten, zouden mij op straat straal voorbij lopen. Niet wetend dat ik het ben. Eigenlijk is het best raar als je erover nadenkt, die wereldwijde wereld.